4716 Rev CA dut.fm Page 1 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable Rosemount 3095 MultiVariable™ massaflowtransmitter met HART® of FOUNDATION™ Fieldbus-protocol Rosemount 3095 massaflowmeter elektronica P r oduc tni e tl ange rl e v e r baar ' Start Stap 1: Monteer de transmitter Stap 2: Installeer de transmitter Stap 3: Installeer de software Stap 4: Sluit de bedrading en voeding aan (HART of Fieldbus) Stap 5: Configureer de transmitter (HART of Fieldbus) Stap 6: Trim de transmitter Productcertificaties Einde www.rosemount.com 4716 Rev CA dut.fm Page 2 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable © 2005 Rosemount Inc. Alle rechten voorbehouden. Alle merken zijn eigendom van de eigenaar. Rosemount en het Rosemount logo zijn gedeponeerde handelsmerken van Rosemount Inc. Rosemount Inc. Emerson Process Management bv 8200 Market Boulevard Chanhassen, Minnesota, 55317 VS Tel (VS) (800) 999-9307, Fax (952) 949-7001 Tel. (internationaal) +1 (952) 906-8888 Postbus 212 2280 AE Rijswijk Nederland Tel. (070) 413 66 66, F (070) 390 68 15 E [email protected] www.emersonprocess.nl Emerson Process Management Asia Pacific Private Limited Emerson Process Management nv/sa 1 Pandan Crescent Singapore 128461 Tel. (65) 6777 8211, Fax (65) 6777 0947 De Kleetlaan, 4 B-1831 Diegem België Tel. (32) 2 716 7711, Fax (32) 2 725 83 00 www.emersonprocess.be Emerson Process Management GmbH & Co. OHG Beijing Rosemount Far East Instrument Co., Limited Argelsrieder Feld 3 82234 Wessling Duitsland Tel. +49 (8153) 939 0, Fax +49 (8153) 939 172 No. 6 North Street, Hepingli, Dong Cheng District Beijing 100013, China Tel. (86) (10) 6428 2233, Fax (86) (10) 6422 8586 BELANGRIJKE KENNISGEVING In deze installatiegids staan elementaire richtlijnen voor de Rosemount 3095 multivariabele massaflowtransmitter (zie de naslaghandleiding met publicatienummer 00809-0100-4716). Er staan ook elementaire elektronica-richtlijnen in voor de 3095MFA (naslaghandleiding publicatienummer 00809-0100-4809) en 3095MFC (naslaghandleiding publicatienummer 00809-0100-4810). Er staan geen instructies in voor configuratie, diagnostiek, onderhoud, service of probleemoplossing. Zie de betreffende naslaghandleiding voor nadere instructies. Deze handleidingen zijn op www.rosemount.com ook in digitale vorm beschikbaar. WAARSCHUWING Explosies kunnen ernstig of dodelijk letsel veroorzaken: Bij installatie van deze transmitter in een explosiegevaarlijke omgeving moeten de toepasselijke plaatselijke, landelijke en internationale normen, voorschriften en procedures gevolgd worden. • Voordat u een op HART gebaseerde communicator aansluit in een explosiegevaarlijke atmosfeer, dient u zich ervan te verzekeren dat alle instrumenten in de proceskring zijn geïnstalleerd volgens intrinsiek veilige en niet-vonkende veldbedradingsmethodes. • Verwijder bij een explosiebestendige/drukvaste installatie de transmitterdeksels niet terwijl er stroom staat op het apparaat. • Verwijder de deksels van de transmitter niet in een explosiegevaarlijke omgeving als er stroom op het circuit staat. • Beide transmitterdeksels moeten geheel gesloten zijn om aan de vereisten voor explosiebestendigheid te voldoen. Lekkage van het procesmedium kan letsel veroorzaken of de dood tot gevolg hebben. • Om proceslekken te voorkomen, mag u alleen die O-ringen gebruiken die speciaal ontworpen zijn om af te dichten in combinatie met de bijbehorende flensadapter. Elektrische schokken kunnen ernstig of dodelijk letsel veroorzaken. • Voorkom aanraken van de draden en aansluitklemmen. De draden kunnen onder hoge spanning staan die elektrische schokken kan veroorzaken. 2 4716 Rev CA dut.fm Page 3 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable CONSTRUCTIETEKENING TRANSMITTER goedkeuringssticker behuizing aansluitklemmen (HART) O-ring elektronicaprint kap naamplaatje O-ring module sensormodule 3095-3095A08B, 3051-3031B05A, 03031-0332-2001 borgschroef behuizing RTD-connector O-ring procesadapter aftap- en ontluchtingsklep coplanaire flens O-ring flensadapter optionele flensadapters LCD-metereenheid bouten meterdeksel aansluitklemmen (Fieldbus) 3 4716 Rev CA dut.fm Page 4 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP 1: MONTEER DE TRANSMITTER Toepassingen voor vloeistof-flow 1. Installeer de aansluitingen in de zijkant van de leiding. 2. Monteer naast of onder de aansluitingen. 3. Monteer de transmitter zó dat de aftap/ ontluchtingskleppen naar boven gericht staan. flow Toepassingen voor gas-flow 1. Installeer de aansluitingen in de boven- of zijkant van de leiding. 2. Monteer naast of boven de aansluitingen. flow flow Toepassingen voor stoom-flow 1. Installeer de aansluitingen in de zijkant van de leiding. 2. Monteer naast of onder de aansluitingen. 3. Vul de impulsleidingen met water. flow Afbeelding 1. Gebruik van een montagesteun Paneelmontage(1) (1) 4 De klant moet zelf de paneelbouten aanschaffen. Buismontage 4716 Rev CA dut.fm Page 5 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP 2: INSTALLEER DE TRANSMITTER Overweeg of de behuizing gedraaid moet worden Om de toegang te verbeteren of het optionele LCD-display beter te kunnen bekijken: 1. Draai de borgschroef voor het draaien van de behuizing los. 2. Draai de behuizing rechtsom naar de gewenste stand – tot maximaal 180° vanaf de beginstand. Als u te ver draait, wordt de transmitter beschadigd. 3. Draai als de gewenste stand bereikt is de borgschroef voor draaien van de behuizing aan. 4. Als u de gewenste stand niet kunt bereiken omdat de behuizing niet verder draait, draai de behuizing dan linksom tot de gewenste stand bereikt is (maximaal 180° vanaf de beginstand). 5. Draai de borgschroef voor het draaien van de behuizing vast. borgschroef voor het draaien van de behuizing (9/64 in.) Veldinstallatie 1. Monteer de transmitter a.Installeer de flens of flens/adapter bout handvast. b.Haal bouten kruislings aan tot initiële momentwaarde (zie Tabel 1). Zet bij installatie met een montagesteun de bouten vast met 169 Nm (125 in. lb). Tabel 1. Aanhaalvolgorde bouten Boutmateriaal Initiële waarde Eindwaarde Koolstofstaal (CS) Roestvast staal (CS) 34 Nm (300 in. lb) 17 Nm (150 in. lb) 73 Nm (650 in. lb) 34 Nm (300 in. lb) 2. Stel de beveiligingsjumper in (deze bevindt zich op de voorkant van de elektronicaplaat, onder het deksel van de elektronicabehuizing). Met de beveiligingsjumper in de stand ON is de configuratie beveiligd tegen onbedoelde wijzigingen. De transmitter werkt normaal als de jumpers niet zijn geïnstalleerd. Standaard staat de beveiliging uit (OFF). 5 4716 Rev CA dut.fm Page 6 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids Rosemount 3095 MultiVariable 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 VERVOLG STAP 2… 3. Stel de jumper voor storingsalarm in (HART-apparatuur) (deze bevindt zich op de voorkant van de elektronicaplaat, onder het deksel van de elektronicabehuizing). De stand van deze alarmjumper bepaalt of de uitgang omhoog of omlaag wordt aangestuurd als er een storing wordt geconstateerd. De transmitter werkt normaal als de jumpers niet zijn geïnstalleerd en de standaardinstelling voor alarm is Hi (hoog). Afbeelding 2. Locatie van alarmjumper beveiligingsjumper simulatiejumper HART-elektronicaplaat FOUNDATION Fieldbus-elektronicaplaat 4. Stel de simulatiejumper voor storingsalarm in (FOUNDATION Fieldbus-apparatuur) (deze bevindt zich op de voorkant van de elektronicaplaat, onder het deksel van de elektronicabehuizing). De jumper wordt gebruikt voor het simuleren van de meting en als blokkeerbeveiliging voor het AI-functieblok. Om de simulatiefunctie aan te zetten, brengt u de jumper aan tussen ENABLE terwijl de transmitter stroomvoerend is. De standaardpositie voor de simulatiejumper is DISABLE. Zet de simulatiefunctie aan nadat de apparatuur stroomvoerend is. Simulatie wordt ongeacht de jumperpositie automatisch uitgezet wanneer de voeding opnieuw wordt ingeschakeld. 5. Sluit de transmitter op het procesmedium aan. 6. Installeer de RTD-bedrading (optioneel). Aan alle RTD 3095-bedrading wordt de 3095 RTD-kabelconnector gebruikt. Identificeer het geïnstalleerde kabeltype en volg de onderstaande stappen. • Installeren van een afgeschermde gewapende RTD-kabel a.Steek de zwarte kabelconnector helemaal in de 3095 RTD-connector (zie Afbeelding 3). b.Draai de kabeladapter aan totdat metaal metaal raakt (zie Afbeelding 3). c. Installeer de compressiefitting (zie Afbeelding 3). d.Gebruik een tang om de dop op de compressiefitting aan te brengen (zie Afbeelding 3). 6 4716 Rev CA dut.fm Page 7 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable VERVOLG STAP 2… Afbeelding 3. Afgeschermde gewapende RTD-kabel compressiefitting geleidende bus RTD-dop aansluiten op RTD 3 /4 tot 1/2-14 NPT adapter ring zwarte kabelconnector dop kabeladapter bus compressiefitting • Installeren van een afgeschermde 3095 RTD-kabel (bedoeld voor gebruik in een leiding) a.Steek de zwarte kabelconnector helemaal in de 3095 RTD-connector (zie Afbeelding 4). b.Draai de kabeladapter aan totdat metaal metaal raakt (zie Afbeelding 4). Afbeelding 4. Afgeschermde RTD-kabel 1 kabeladapter /2–14 NPT zwarte kabelconnector • Installeren van een ATEX explosiebestendige 3095 RTD-kabel a.Steek de zwarte kabelconnector helemaal in de 3095 RTD-connector (zie Afbeelding 5). b.Draai de kabeladapter en de kabeldoorvoer aan totdat metaal metaal raakt (zie Afbeelding 5). Afbeelding 5. ATEX explosiebestendige RTD-kabel RTD-kabeldoorvoer CM20 kabeladapter kabeldoorvoer zwarte kabelconnector/RTD-connector 7. Controleer alle procesdoorgangen op eventuele lekkage. 8. Sluit de benodigde bedrading aan (zie stap 5). Aard de transmitter volgens de nationale en plaatselijke elektrische verordeningen. Installeer de aarding voor veldbedrading (optioneel). 7 4716 Rev CA dut.fm Page 8 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids Rosemount 3095 MultiVariable 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 STAP 3: INSTALLEER DE SOFTWARE De 3095 Engineering Assistant (EA) voor HART en 3095 Engineering Assistant (EA) voor FOUNDATION Fieldbus softwareprogramma’s kunnen op dezelfde computer worden geïnstalleerd. De toepassingen kunnen niet tegelijkertijd geopend zijn. 3095 Engineering Assistant (EA) voor HART software-installatie 1. Installeer het programma a.Plaats de cd-rom in het cd-station en start setup.exe vanuit Windows NT, 2000 of XP. b.Na de installatie van de software installeert u het HART modem (zie “Installatie van het HART-modem” op bladzijde 9). 2. Werk de voorgaande versies van het Engineering Assistant-programma bij (indien vereist) a.Plaats de disk in het cd-station en start EAUpgrade.exe vanuit Windows 98, NT, 2000 of XP. Om de installatie te doen slagen, maakt het programma eerst de installatie van Engineering Assistant op de computer ongedaan. (Upgrades zijn ook verkrijgbaar via www.rosemount.com.) b.Haal de installatiedisk uit het station en start de computer opnieuw op om de installatie te voltooien. c. Draai EAupgrade.exe nogmaals vanuit Windows 95, 98 of NT om de bijgewerkte versie van het programma te installeren. 3. Sluit de computer aan op de 3095 transmitter. a.Steek de andere 9-polige stekker van de HART-modemkabel in de 9-polige communicatiepoort op de pc. b.Open de kap boven de kant met de aanduiding Field Terminals en bevestig de twee miniknijpers op de twee aansluitklemmen op de 3095 met de aanduiding COMM. 4. Kies Engineering Assistant for HART in het programmamenu. On-line modus: EA communiceert rechtstreeks met de 3095 via AMS. a.Klik in de weergave AMS Explorer of AMS Connection met de rechtermuisknop op een 3095 apparatuurtag of pictogram. b.Kies SNAP-ON/Linked Apps > Engineering Assistant. Off-line modus: Engineering Assistant communiceert niet rechtstreeks met de 3095. In plaats daarvan wordt de EMS-configuratie later naar een 3095 gezonden zodra Engineering Assistant in de on-line modus is. In de off-line-modus moet er een toekomstig apparaat worden aangemaakt om Engineering Assistant te kunnen starten. a.Klik in de weergave AMS Explorer of de weergave AMS Device Connection met de linker muisknop op de map Plant Database to the Area (Plant database in de zone). b.Klik met de linker muisknop op de map Area to the Unit (Zone naar het apparaat). c. Klik met de linker muisknop op de map Unit to the Equipment Module (Apparaat naar de uitrustingsmodule). d.Klik met de linker muisknop op de map Equipment Module to the Control Module (Uitrustingsmodule naar de besturingsmodule). e.Klik met de rechter muisknop op Control Module (Besturingsmodule) om het popupmenu te openen. f. Selecteer Add Future Device (Toekomstig apparaat toevoegen). g.Selecteer 3095 Template en klik op OK. 8 4716 Rev CA dut.fm Page 9 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable VERVOLG STAP 3… h.Klik met de rechter muisknop op Future Device (Toekomstig apparaat) om het popupmenu te openen. i. Kies SNAP-ON/Linked Apps > Engineering Assistant. Installatie van het HART-modem Nadat de 3095 Engineering Assistant is geïnstalleerd, verschijnt het venster voor configuratie van het HART-modem automatisch als de Engineering Assistant wordt geopend. Als dit venster wordt gesloten, kan het HART-modem op onderstaande wijze handmatig geïnstalleerd worden. 1. Sluit AMS af. Selecteer in het Startmenu Programs > 3095 Engineering Assistant > AMS Network. 2. Selecteer Add (Toevoegen) in het venster AMS Network Configuration (AMS-netwerkconfiguratie). Het venster “Select AMS Network Component Type” (Selecteer type AMSnetwerkcomponent) wordt geopend. 3. Selecteer Hart Modem (HART-modem). 4. Selecteer Install (Installeren). 5. Doorloop de wizard. Er wordt gevraagd naar een COMM-poort. De gebruikelijke standaardinstelling is “COMM1”. 6. Selecteer OK. Sluit het venster AMS Network Configuration. 7. De verandering in de configuratie wordt van kracht wanneer 3095 Engineering Assistant wordt opgestart. N.B. Sluit het programma af als ook de functie Palm Pilot HotSync of een ander programma gebruik maakt van de COMM-poort. 3095 Engineering Assistant (EA) voor FOUNDATION Fieldbus 1. Installeer het programma 3095 Engineering Assistant for FOUNDATION Fieldbus en de stuurprogramma’s voor de FOUNDATION Fieldbus-communicatiekaart. a.Plaats de cd-rom disk 2 in het station. b.Blader en kies de 3095 Engineering Assistant for FOUNDATION Fieldbus softwaretoepassing in Windows NT, 2000 of XP. c. Open het bestand ReadMe.txt en volg de gegeven instructies. 2. Installeer de FOUNDATION velbus-communicatiekaart. a.Steek de PCMCIA-kaart of de PCI-kaart in de computer, volg de instructies meegeleverd met de communicatiekaart. 3. Sluit de 3095 transmitter aan op de computer en maak verbinding. a.Sluit de 9-polige communicatiekabel aan op de poort voor de FOUNDATION Fieldbus op de computer. b.Sluit de bedrading voor communicatie aan op de aansluitpoorten met de aanduiding “D+” en “D-”. c. Open de kap van de transmitter boven de kant met de aanduiding “Field Terminals” en bevestig de communicatiekabels op de twee aansluitklemmen op de 3095 transmitter met de aanduiding “Fieldbus Wiring”. 4. Selecteer in het programmamenu de 3095 Engineering Assistant for FOUNDATION Fieldbus of gebruik het 3095 EA FOUNDATION Fieldbus-pictogram. 9 4716 Rev CA dut.fm Page 10 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP TEP 4: C SLUIT ONNECT DE BEDRADING WIRING ANDEN POWER VOEDING UP AAN (HART) (HART) Volg de onderstaande stappen voor het bedraden van de transmitter: 1. Verwijder het behuizingdeksel aan de kant met de aanduiding FIELD TERMINALS. 2. Sluit de signaalbedrading aan op de aansluitklemmen. N.B. Sluit de spanningvoerende signaalbedrading niet aan op de testaansluitklemmen. De stroom kan de testdiode in de testaansluiting beschadigen. Voor een optimaal resultaat dient u een afgeschermde kabel met gevlochten aders te gebruiken. Gebruik een draad van 24 AWG of dikker en van ten hoogste 1500 m (5000 ft) lengte. 3. Dicht alle ongebruikte doorvoeraansluitingen af. 4. Installeer de bedrading, indien van toepassing, met een druppellus. Leg de druppellus zodanig dat de onderkant lager dan de doorvoeraansluitingen en de transmitterbehuizing komt te liggen. 5. Plaats het behuizingdeksel terug. In Afbeelding 6 ziet u de draadverbindingen die nodig zijn voor voeding van de 3095 en communicatie met een draagbare HART-communicator. Afbeelding 6. Bedradingsschema’s transmitter (4–20 man voeding) 24 Vdc voeding stroommeter RL ≥ 250 Ω Installatie van de aansluitklemmen met overspanningsbeveiliging biedt uitsluitend overspanningsbeveiliging als de behuizing van de 3095 correct is geaard. De gelijkstroomvoeding dient vermogen met een rimpel van minder dan twee procent te leveren. De totale weerstandsbelasting is de som van de weerstand van de signaaldraden en de belastingsweerstand van de regelaar, aanwijzer en andere onderdelen. Denk erom dat de weerstand van barrières voor intrinsieke veiligheid, indien aanwezig, moet worden meegerekend. Afbeelding 7. Belastingbeperking belasting (ohm) maximale kringweerstand = voedingsspanning – 11,0 0,022 2000 250 werkingsgebied 0 11,0 16,5 (2) 42,4(1) Voeding 55 (1) Voor CSA-goedkeuring dient de voeding beperkt te blijven tot 42,4 V d.c. (2) Voor communicatie volgens HART-protocol dient de kringweerstand 250–1100 ohm te bedragen (inclusief). 10 4716 Rev CA dut.fm Page 11 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP 4: SLUIT DE BEDRADING EN VOEDING AAN (FIELDBUS) Volg de onderstaande stappen voor het bedraden van de transmitter: 1. Verwijder het behuizingdeksel waar “Field Terminals” op staat. De aansluitklemmen zijn niet polariteitsgevoelig. 2. Sluit de signaalbedrading aan op de aansluitklemmen met de aanduiding “Fieldbus Wiring”. 3. Dicht alle ongebruikte doorvoeraansluitingen af. 4. Installeer de bedrading, indien van toepassing, met een druppellus. Leg de druppellus zodanig dat de onderkant lager dan de doorvoeraansluitingen en de transmitterbehuizing komt te liggen. 5. Plaats het behuizingdeksel terug. N.B. Verbind de afscherming niet aan aarde. Voeding Voor een goede werking en een volledige functionaliteit heeft de transmitter een spanning tussen 9 en 32 Vdc nodig (9 en 15 Vdc voor FISCO). Voedingsregelaar Voor een Fieldbussegment is een voedingsregelaar nodig om het voedingsfilter te isoleren en het segment los te koppelen van andere segmenten die op dezelfde voeding zijn aangesloten. Aarding De signaalbedrading van het Fieldbussegment kan niet worden geaard. Als een van de signaaldraden wordt geaard, wordt het volledige Fieldbussegment uitgeschakeld. Aarding afgeschermde draad Ter bescherming van het Fieldbussegment tegen ruis wordt gewoonlijk een aardingstechniek gebruikt waarbij de afgeschermde draad op één enkel punt geaard wordt, om te voorkomen dat een aardlus gecreëerd wordt. Gewoonlijk wordt een punt in de buurt van de voeding geaard. Afsluiting signaal Bij elk Fieldbussegment moet zowel aan het begin als aan het einde van het segment een afsluitweerstand worden aangebracht. 11 4716 Rev CA dut.fm Page 12 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP 5: CONFIGUREER DE TRANSMITTER (HART) Instellen van de regelkring op handmatig Stel de regelkring voor de procestoepassing in op handmatig als u data wilt zenden of opvragen die de regelkring kan verstoren of die de uitgang van de transmitter kan wijzigen. Indien nodig verschijnt er een melding die u eraan herinnert de regelkring op handmatig in te stellen. Bevestigen van deze waarschuwing stelt de regelkring niet op handmatig in. Zend de configuratie naar de transmitter Volg de volgende stappen om de configuratie naar de transmitter te zenden. Wanneer de informatie gezonden wordt, wordt alle oudere transmitterinformatie overschreven. 1. EA: Selecteer Configure > Configure Flow (laag). 2. Doorloop de wizard Flow Configuration (Flowconfiguratie). 3. Zet een aanvinkteken bij Send Flow Configuration to transmitter (zend flowconfiguratie naar transmitter) om de configuratie te zenden. Parameters voor basisconfiguratie N.B.: De basisconfiguratieparameters zijn gemarkeerd met een aanvinkteken (✓). Deze parameters moeten bij de configuratie- en opstartprocedure in elk geval worden gecontroleerd. Transmitters worden door Emerson Process Management volledig gekalibreerd geleverd, volgens de gevraagde specificatie of volgens de fabrieksinstelling van een volledige schaal. Tabel 2. Reeks HART-communicator-sneltoetsen Functie/Variabele % rnge % rnge 4V is AO Alrm typ AO1 AO1 AP Damping AP Sens Trim AP Units Absolute (AP) Atm Press Cnfg Burst mode Burst option Change PV Assgn Change SV Assgn Change TV Assgn Change 4V Assgn D/A trim DP Low Flow Cutoff DP LRV DP Sens Trim DP Snsr Range DP URV DP units 12 Reeks sneltoetsen 1, 1, 2 1, 1, 5, 1, 3 1, 1, 5, 4, 1 1, 4, 1, 1, 1 1, 1, 3 3 1, 4, 2, 5, 2 1, 2, 2, 1, 2 1, 3, 2, 2 1, 1, 4, 2 1, 4, 2, 3 1, 4, 1, 2, 4, 2 1, 4, 1, 2, 4, 1 1, 1, 5, 1, 5 1, 1, 5, 2, 3 1, 1, 5, 3, 3 1, 1, 5, 4, 3 1, 2, 2, 2, 1 1, 4, 6 4 1, 2, 2, 1, 1 1, 3, 5, 1 5 1, 3, 2, 1 4716 Rev CA dut.fm Page 13 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable Tabel 2. Reeks HART-communicator-sneltoetsen (vervolg) ✓ ✓ ✓ ✓ Functie/Variabele Date Descriptor Diff pres damp Diff pres Diff pres Fld dev rev Flo rate Flow Rate Special Units Flow Units GP Damping GP Sens Trim GP Units Gage (GP) Hardware rev LCD Settings Loop test Message Num req preams Num resp preams PV is Poll addr Process temp unit Process temp RS type RTD Config Range values Reset SP Snsr Range SP Type SV is Scaled D/A trim Status group 1 Totalizer Totalizer Special Units TV is Tag Temp Sens Trim Temp damp Universal rev View status Write protect Xmtr Var Slot Assn Reeks sneltoetsen 1, 3, 4, 4 1, 3, 4, 2 1, 4, 2, 4 1, 1, 1 2 1, 3, 4, 9, 2 1, 1, 4, 5 1, 4, 5, 1 1, 3, 2, 5 1, 4, 2, 5, 4 1, 2, 2, 1, 3 1, 3, 2, 4 1, 1, 4, 4 1, 3, 4, 9, 4 1, 4, 3 1, 2, 1, 1 1, 3, 4, 3 1, 4, 1, 2, 2 1, 4, 1, 2, 3 1, 1, 5, 1, 1 1, 4, 1, 2, 1 1, 3, 2, 3 1, 1, 4, 3 1, 3, 5, 10 1, 4, 2, 2 1, 3, 3 1, 2, 1, 3 1, 3, 5, 2 1, 3, 5, 3 1, 1, 5, 2, 1 1, 2, 2, 2, 2 1, 6 1, 4, 4 1, 4, 5, 2 1, 1, 5, 3, 1 1, 3, 1 1, 2, 2, 1, 4 1, 4, 2, 5, 3 1, 3, 4, 9, 1 1, 2, 1, 2 1, 3, 4, 8 1, 4, 1, 2, 4, 3 13 4716 Rev CA dut.fm Page 14 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP 5: CONFIGUREER DE TRANSMITTER (FIELDBUS) Bij elk FOUNDATION Fieldbus host- of configuratieapparaat werkt het weergeven en uitvoeren van configuraties anders. Sommige maken gebruik van Device Descriptions (DD) of DDmethoden voor de configuratie en om gegevens op verschillende platforms consistent weer te geven. Het is geen vereiste dat een host- of configuratieapparaat deze functies ondersteunt. Volg de volgende blokvoorbeelden voor het uitvoeren van een basisconfiguratie van de transmitter. Raadpleeg de 3095 handleiding (00809-0100-4716) voor meer geavanceerde configuraties, inclusief configuratie van het 3095 massaflowtransducerblok. N.B. DeltaV-gebruikers dienen DeltaV Explorer te gebruiken voor het hulpmiddel- en het transducerblok, en Control Studio voor de functieblokken. Zend de configuratie naar de transmitter Voer de volgende stappen uit om de massaflowconfiguratie te zenden naar het massaflowtransducerblok. N.B. Wanneer de configuratie wordt gezonden, wordt alle oudere massaflowtransducerblok informatie overschreven. 1. Open de 3095 Engineering Assistant (EA) voor FOUNDATION Fieldbus. 2. Selecteer Scan om het FOUNDATION Fieldbus segment te scannen en selecteer het apparaat waarvoor het nieuwe of bijgewerkte massaflowconfiguratiebestand is bestemd. 3. Selecteer de EA-wizard. 4. Doorloop de Flow Configuration Wizard om een massaflowconfiguratiebestand aan te maken. 5. Sla het nieuwe of bijgewerkte massaflowconfiguratiebestand op. Bestanden moeten worden opgeslagen om deze in de toekomst te kunnen controleren of bijwerken. Uploaden van bestanden naar het massaflowtransducerblok is niet mogelijk. 6. Selecteer Send (Verzenden) om het massaflowconfiguratiebestand naar het geselecteerde transmitter massaflowtransducerblok te zenden. Configureren van het AI-blok Configuratieparameters AI-blok Parameters Voer gegevens in Channel 1 = Druk 2 = Statische druk 3 = Procestemperatuur 4 = Temperatuur apparaat 5 = Massaflow L_Type direct, indirect of vierkantswortel XD_Scale schaal en meeteenheden (N.B.: Selecteer uitsluitend meeteenheden die door het instrument worden ondersteund.) Druk: Pa bar inH20 @ 68°F psi kPa mbar mmH20 @ 68°F g/cm2 mPa atm ftH20 @ 68°F kg/cm2 torr Temperatuur: °C °F K Out_Scale 14 Massaflowwaarde: lbm/sec lbm/min lbm/hr kg/min kg/hour g/sec StdCuFt/sec StdCuFt/min StdCuFt/hr StdCuFt/day StdCuM/min StdCuM/hr schaal en meeteenheden lbm/day g/min kg/sec g/hr StdCuM/sec StdCuM/day inHg @ 0°C mmHg @ 0°C mmH20 @ 4°C inH20 @ 4°C 4716 Rev CA dut.fm Page 15 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable STAP 6: TRIM DE TRANSMITTER N.B. Transmitters worden volledig gekalibreerd geleverd, volgens de verzochte specificatie of volgens de fabrieksinstelling van een volledige schaal (meetbreedte = bovenste meetgrens voor FOUNDATION Fieldbus-transmitters). Nulpunts-trim Een nulpunts-trim is een afstelling op een enkel punt om te compenseren voor effecten met betrekking tot montagestand en leidingdruk. Let er bij het uitvoeren van een nulpunts-trim op dat de egalisatiekraan open staat en alle natte poten tot het juiste niveau zijn gevuld. U kunt de transmitter uitsluitend trimmen tot een 3% bovenste meetgrens-nulfout. Gebruik van de veldcommunicator 1. Egaliseer of ontlucht de transmitter en sluit de veldcommunicator aan. 2. Voer in het menu de sneltoetsenreeks in. 3. Volg de aanwijzingen om een nulpunts-trim uit te voeren. Sneltoetsen 1, 2, 2, 1, 1 1, 2, 2, 1, 2 Stappen Trim DP Offset (Zero) (DP-offset (nul) trimmen) Trim SP Offset (Zero), (AP, GP) (SP-offset (nul) trimmen) (AP, GP). Gebruik van het Foundation Fieldbus AI-blok Voor nulfouten groter dan de toegestane nulpunts-trim, compenseert u voor de afwijking door XD_Scaling, Out_Scaling en Indirect L_Type te gebruiken. Gebruik van het Foundation Fieldbus host-systeem Voer een nulpuntstrim uit indien het host-systeem de methoden in het kader van het TRANSDUCER 1400-blok ondersteunt. Als het host-systeem deze methoden niet ondersteunt, raadpleegt u de handleiding van de 3095 (publicatienummer 00809-0100-4716). N.B. Voor de sensor voor de absolute druk (absolute pressure sensor [AP-sensor]): wanneer er verbinding is met de buitenlucht, dient deze waarde de atmosferische druk (ong. 0,8–1,0 bar (12–15 psi)) en niet nul te bedragen. Gebruik een barometer die drie keer zo nauwkeurig is als de AP-sensor van de 3095. 15 4716 Rev CA dut.fm Page 16 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids Rosemount 3095 MultiVariable 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 PRODUCTCERTIFICATIES Rosemount 3095 met HART Goedgekeurde productielocaties Rosemount Inc. – Chanhassen, Minnesota, VS Emerson Process Management GmbH & Co. OHG – Wessling, Duitsland Emerson Process Management Asia Pacific Private Limited – Singapore Beijing Rosemount Far East Instrument Co., Limited – Beijing, China Informatie over Europese richtlijnen. De EU-verklaring van overeenstemming voor alle op dit product toepasselijke Europese richtlijnen is te vinden op de Rosemount-website, www.rosemount.com. Neem contact op met ons plaatselijke verkoopkantoor voor een afschrift op papier. ATEX-richtlijn (94/9/EG) Emerson Process Management voldoet aan de ATEX-richtlijn. Europese richtlijn betreffende drukapparatuur (PED) (97/23/EG) 3095F_2/3,4/D en 3095M_2/3,4/D flowtransmitters – Beoordelingsbesluit kwaliteitssysteem – EG Nr. PED-H-20 Module H overeenstemmingsbeoordeling Alle overige 3095_ Transmitters/niveaumeter – Sound Engineering Practice (Goed vakmanschap) Transmitter-hulpstukken: procesflens – kranenblok – Sound Engineering Practice (Goed vakmanschap) Primaire elementen, flowmeter – Zie de beknopte installatiegids van het betreffende primaire element Elektromagnetische compatibiliteit (EMC) (89/336/EEG) 3095 flowtransmitters – EN 50081-1: 1992; EN 50082-2:1995; EN 61326-1:1997 – Industrieel Certificatie voor gewone locaties voor Factory Mutual De transmitter is volgens de standaardprocedure door FM onderzocht en getest waarbij vastgesteld is dat het ontwerp voldoet aan de elementaire elektrische, mechanische en brandveiligheidvereisten. FM is een in de VS nationaal erkend onderzoekslaboratorium (nationally recognized testing laboratory; NRTL) dat is goedgekeurd door de Amerikaanse Occupational Safety and Health Administration (OSHA). 16 4716 Rev CA dut.fm Page 17 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable Certificaties voor explosiegevaarlijke locaties 3095 multivariabele massaflowapparatuur met HART Certificaties Noord-Amerika Factory Mutual (FM) A Explosiebestendig voor Class I, Division 1, Groups B, C, en D. Stofontstekingsbestendig voor Class II/Class III, Division 1, Groups E, F, en G. Behuizing type NEMA 4X. In de fabriek afgedicht. Levert niet-vonkende RTD-aansluitingen voor Class I, Division 2, Groups A, B, C, en D. B Combinatie van Approval Code A (goedkeuringscode A) en het volgende: Intrinsiek veilig voor gebruik in Class I, II en III, Division 1, Groups A, B, C, D, E, F, en G explosiegevaarlijke locaties in de openlucht. Niet-vonkend voor Class I, Division 2, Groups A, B, C, en D. Temperatuurcode T4. In de fabriek afgedicht. Zie voor de ingangsparameters en installatie, controletekening 03095-1020. Goedkeuringen Canadian Standards Association (CSA) C Explosiebestendig voor Class I, Division 1, Groups B, C, en D. Stofontstekingsbestendig voor Class II/Class III, Division 1, Groups E, F, en G. CSA-behuizing type 4X geschikt voor explosiegevaarlijke locaties binnen en buiten. Levert niet-vonkende RTD-aansluiting voor Class I, Division 2, Groups A, B, C, en D. In de fabriek afgedicht. Installeer volgens Rosemount-tekening 03095-1024. Goedgekeurd voor Class I, Division 2, Groups A, B, C, en D. D Combinatie van Approval Code C (goedkeuringscode C) en het volgende: Intrinsiek veilig voor Class I, Division 1, Groups A, B, C, en D indien geïnstalleerd volgens Rosemount-tekening 03095-1021. Temperatuurcode T3C. Zie voor de ingangsparameters controletekening 03095-1020. Europese certificaties F ATEX-certificatie intrinsieke veiligheid Certificaatnummer: BAS98ATEX1359X EEx ia IIC T5 (Tamb = –45°C tot 40°C) EEx ia IIC T4 (Tamb = –45°C tot 70°C) 1180 II 1 G Tabel 3. Aansluitparameters (aansluitklemmen voeding/signaal) Ui = 30 V Ii = 200 mA Pi = 1,0 W Ci = 0,012 µF Li = 0 Tabel 4. Parameters temperatuursensoraansluiting Uo = 30 V Io = 19 mA Po = 140 mW Ci = 0,002 µF Li = 0 17 4716 Rev CA dut.fm Page 18 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable Tabel 5. Aansluitparameters voor aansluitklemmen temperatuursensor Gas Group IIC Co = 0,066 F Co = 0,560 F Gas Group IIB Co = 1,82 F Gas Group IIA Lo = 96 mH Gas Group IIC Lo = 365 mH Gas Group IIB Lo = 696 mH Gas Group IIA Lo/Ro = 247 H/ohm Gas Group IIC Lo/Ro = 633 H/ohm Gas Group IIB Lo/Ro = 633 H/ohm Gas Group IIA Speciale voorwaarden voor veilig gebruik De 3095 kan, indien gemonteerd met aansluitklemmen met overspanningsbeveiliging (bestelcode B), de 500 volt isolatietest zoals vereist door EN50 020, Clausule 6.4.12 (1994) niet met goed gevolg doorstaan. Bij installatie moet hiermee rekening worden gehouden. G ATEX Type N Certificatie Certificaatnummer: BAS98ATEX3360X EEx nL IIC T5 (Tamb = –45°C tot 40°C) EEx nL IIC T4 (Tamb = –45°C tot 70°C) Ui = 55 V II 3 G Het apparaat is bedoeld voor aansluiting op een externe temperatuursensor, zoals een detectievoorziening voor weerstandstemperatuur (RTD; resistance temperature detection) Speciale voorwaarden voor veilig gebruik De 3095 kan, indien gemonteerd met aansluitklemmen met overspanningsbeveiliging (bestelcode B), de 500 volt isolatietest zoals vereist door EN50 021, Clausule 9.1, (1995) niet met goed gevolg doorstaan. Bij installatie moet hiermee rekening worden gehouden. H 18 ATEX Certificatie voor drukvastheid Certificaatnummer: KEMA02ATEX2320X EEx d IIC T5 (–50°C ≤ Tamb ≤ 80°C) T6 (–50°C ≤ Tamb ≤ 65°C) 1180 ATEX Stof Certificatie Certificaatnummer: KEMA02ATEX2321X T90°C (–40°C ≤ Tamb ≤ 80°C) V = 55 Vdc MAX I = 23 mAdc MAX IP66 1180 II 1/2 G II 1 D 4716 Rev CA dut.fm Page 19 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Rosemount 3095 MultiVariable Rosemount 3095 met FOUNDATION Fieldbus Goedgekeurde productielocaties Rosemount Inc. – Chanhassen, Minnesota, VS Informatie over Europese richtlijnen De EU-verklaring van overeenstemming voor alle op dit product toepasselijke Europese richtlijnen is te vinden op de Rosemount-website, www.rosemount.com. Neem contact op met ons plaatselijke verkoopkantoor voor een afschrift op papier. ATEX-richtlijn (94/9/EG) Emerson Process Management voldoet aan de ATEX-richtlijn. Europese richtlijn betreffende drukapparatuur (PED) (97/23/EG) 3095F_2/3,4/D en 3095M_2/3,4/D flowtransmitters – Beoordelingsbesluit kwaliteitssysteem – EG Nr. PED-H-20 Module H overeenstemmingsbeoordeling Alle overige 3095_ Transmitters/niveaumeter – Sound Engineering Practice (Goed vakmanschap) Transmitter-hulpstukken: procesflens – kranenblok – Sound Engineering Practice (Goed vakmanschap) Primaire elementen, flowmeter – Zie de beknopte installatiegids van het betreffende primaire element Elektromagnetische compatibiliteit (EMC) (89/336/EEG) 3095 flowtransmitters – EN 50081-1: 1992; EN 50082-2:1995; EN 61326-1:1997 – Industrieel Certificatie voor gewone locaties voor Factory Mutual De transmitter is volgens de standaardprocedure door FM onderzocht en getest waarbij vastgesteld is dat het ontwerp voldoet aan de elementaire elektrische, mechanische en brandbeschermingsvereisten. FM is een in de VS nationaal erkend onderzoekslaboratorium (nationally recognized testing laboratory; NRTL) dat is goedgekeurd door de Amerikaanse Occupational Safety and Health Administration (OSHA). 19 4716 Rev CA dut.fm Page 20 Wednesday, July 6, 2005 3:22 PM Beknopte installatiegids Rosemount 3095 MultiVariable 00825-0111-4716, Rev CA April 2005 Certificaties gevaarlijke locaties 3095 MultiVariable massaflowapparatuur met Fieldbus Certificaties Noord-Amerika FM-goedkeuringen A Explosiebestendig voor Class I, Division 1, Groups B, C en D. Stofontstekingsbestendig voor Class II/Class III, Division 1, Groups E, F en G. Behuizing type NEMA 4X. In de fabriek afgedicht. Levert niet-vonkende RTD-aansluitingen voor Class I, Division 2, Groups A, B, C, en D. J Intrinsiek veilig voor gebruik in Class I, II en III, Division 1, Groups A, B, C, D, E, F, en G explosiegevaarlijke locaties in de openlucht. Niet-vonkend voor Class I, Division 2, Groups A, B, C, en D. Temperatuurcode T4. In de fabriek afgedicht. Zie voor de ingangsparameters en installatie controletekening 03095-1020. V FISCO voor gebruik in Class I, II en III, Division 1, Groups A, B, C, D, E, F, en G explosiegevaarlijke locaties in de openlucht. Temperatuurklasse T4. In de fabriek afgedicht. Zie voor de ingangsparameters en installatie controletekening 03095-1020. Combinaties van certificaties Een roestvaststalen certificatielabel wordt meegeleverd als optionele goedkeuring gespecificeerd is. Nadat een instrument waarop meerdere goedkeuringstypes zijn vermeld geïnstalleerd is, mag het niet opnieuw geïnstalleerd worden met gebruik van andere goedkeuringstypes. Breng een permanente markering aan op het goedkeuringslabel om de gebruikte goedkeuring te onderscheiden van de niet-gebruikte goedkeuringstypes. B 20 A en J combinatie
© Copyright 2026 Paperzz